Harmonicagaas montage




Bij het bestellen en het monteren van uw hekwerk geldt: “een goed begin is het halve werk”.
Daarom is het belangrijk dat u van te voren uw tuin nauwkeurig opmeet en een ontwerp maakt.
Dit opmeten kunt u doen met een rolmaat, een waterpas, enkele paaltjes en een bol touw.
Meer informatie over “hulp bij uw ontwerp” en het opmeten van uw tuin vind u hier.

Gaat u ook een poort plaatsen? Voordat u het hekwerk plaatst is het verstandig te beginnen met de tuinpoort. De ‘Poort en toebehoren’ handleiding kunt u op onze site vinden.

Locatie Bepaling:
1) Bepaal waar u het hekwerk wilt plaatsen.
2) Zorg dat de ondergrond vrij is van obstakels zoals boomstronken, bestrating en puin.
3) Indien nodig egaliseer de strook grond waar u het hekwerk wil plaatsen.
4) Markeer de plaats waar u de eerste en laatste staander (de zogenaamde eindpalen) wil plaatsen, bijvoorbeeld met een houten paaltje (een piket) of eenvoudigweg door een kruis te tekenen. En leg hier direct een staander bij neer.
5) Graaf nu met een schop op de gemarkeerde plaats een gat van ± 30 cm diep. Vervolgens boort u in de bodem van het door u gegraven gat met een grondboor een gat tot een diepte van ca. 50 cm.
De totale diepte is dan ca. 80 cm. Zorg ervoor dat het gat niet te groot is en denk eraan dat u recht naar beneden boort.

Tip: Voor het bevestigen van het gaas aan de muur gebruikt u een muurpaal. Wanneer u hekwerk
plaatst op een verharde grond gebruikt u voetplaten.

POSITIONERING PALEN:
6) Plaats de eerste staander (eindpaal) in het gat. Zorg met behulp van een waterpas dat de eindpaal waterpas staat en dat deze op de goede hoogte staat.
De eindpaal moet u ongeveer 15 cm hoger zetten als uw gaas hoog is.
Dus als de hoogte van uw gaas 150 cm is, dan dient de eindpaal 165 cm boven de grond (het maaiveld) uit te komen.

LET OP: Op deze wijze zal de onderzijde van uw gaas ca. 5 cm. vrij boven de grond blijven.
Om de staanders exact op de juiste hoogte te plaatsen kunt u met een hamer de staander nog wat verderde grond in drijven.

7) Plaats nu de andere eindpaal op de zelfde wijze als de zojuist als eerste geplaatste eindpaal. Zorg ervoor dat ook deze eindpaal waterpas staat en 15 cm hoger boven maaiveld dan uw gaas hoog is.

TIP: met behulp van een heikop kunt u de staanders perfect op diepte heien en is het maken van een gat met een grondboor overbodig.

TIP: zorg er voor dat u de bovenzijde van de staander niet beschadigd door deze te beschermen met een blokje hout tijdens het slaan.

8) Vul het gat weer aan met zand, of deels met beton voor extra stabiliteit en stamp deze vast aan.

SPANNEN & PLAATSEN:
9) Span tussen deze twee eindpalen op de grond een touwtje. Op deze wijze ziet u op welke lijn de andere staanders (de tussenpalen) geplaatst moeten worden.
10) Verdeel de overige staanders (de zogenaamde tussenpalen) op gelijke afstand over de totale lengte van het te plaatsen hekwerk. Dit kunt doen met behulp van een meetlint en de totale lengte in gelijke afstanden te verdelen. Let op; de maximale afstand tussen de tussenpalen is 300 cm.
11) Span tussen deze twee eindpalen nog een touwtje. Dit touwtje moet 15 cm vanaf de bovenzijde van de eindpalen tussen deze eindpalen gespannen worden. Zo heeft u de juiste hoogte. Dit is de bovenzijde van de te plaatsen tussenpalen.
12) Plaats nu de tussenpalen op de de zelfde wijze door weer gaten te graven en te boren tot een totale diepte van ca. 80 cm. Zorg ervoor dat de tussenpalen waterpas en in een rechte lijn staan. Doe dit door gebruik te maken van het waterpas en de tussen de eindpalen gespannen touwtjes waarmee u de lijn en de hoogte heeft aangegeven.

TIP: leg de staanders op de juiste plaats neer. U kunt nu in een oogopslag zien of de tussenruimte tussen de staanders overal ongeveer gelijk is.

PLAATSEN BOVENBUIS:
13) Nu u alle staanders heeft gepositioneert monteert u op alle tussenstaanders een doorvoerkop door deze over de bovenzijde van de staanders te schuiven.
14) Plaats op de beide eindstaandersaan de bovenzijde de kunststof afsluit-dop.
15) Schuif nu de bovenbuis door de doorvoerkoppen van de tussenpalen.
16) De bovenbuizen koppelt u door het koppelstuk in de eerste bovenbuis te schuiven en vervolgens de tweede bovenbuis over het uitstekende deel van het koppelstuk te schuiven.
17) U monteert twee hoekverstevigings beugels aan een eindbeugel.
Vervolgens monteert u de einddop met de complete eindbeugel aan de eindpaal met behulp van een bout en een moer. Als gereedschap heeft u twee steek- en/of dopsleutels 13 nodig.

TIP: Indien nodig maak dan de laatste bovenbuis op maat door er met een ijzerzaag een stuk af te halen. Doe dit pas na stap 17 zodat u direct de juiste maat heeft.

18) Schuif de bovenbuis in de einddop en draai de bout van de einddop met beugel nu strak aan. U heeft nu uw ‘’frame’’ staan.

TIP: de einddop met beugel nog niet strak aandraaien want anders kunt u de bovenbuis niet meer in de einddop schuiven. De boutkop dient aan de buitenzijde van uw terrein gemonteerd te worden en de moer aan de binnenzijde. Voor de juiste hoogte waarop de einddop met beugel afgemonteerd moet worden, kijkt u goed naar de hoogte waarop de bovenbuis bij eindpaal uitkomt. Nu komt u de bovenbuisindien nodig op de juiste lengte afzagen.

SPANDRAAD AANBRENGEN:
19) We beginnen met de middelste of bovenste spandraad. Deze spandraad moet afgemonteerd worden op ongeveer de hoogte die het midden is tussen de bodem en de afgemonteerde bovenbuis. Het uiteinde van de spandraad draait u twee maal om de eindpaal heen en vervolgens wartelt u het uiteinde van deze spandraad om deze spandraad heen in de richting van de eerst volgende tussenpaal. De spandraad rolt u vervolgens verder uit naar de andere eindpaal toe. Aan deze tweede eindpaal bevestigd u met behulp van een stukje spandraad een draadspanner. Daarna haalt u de spandraad door de draadspanner heen en knipt deze op maat af. Daarna kunt u de spandraad opspannen door aan de draadspanner te draaien.
20) Vervolgens bevestigd u met binddraad de spandraad aan alle tussenpalen door de binddraad dubbel om de tussenpaal heen te draaien en zo de spandraad tegen de tussenpaal aan het bevestigen.
21) De onderste spandraad wordt op identieke wijze aangebracht maar dan op een hoogte van ca. 7 à 8 cm. zodat deze langs het midden van de onderste maas van uw gaas loopt.

TIP: Om de draad goed te kunnen bevestigen knipt u de binddraad nadat deze dubbel om de tussenpaal gedraaid is op een juiste lengte af. De beide draaduiteinden sla je om elkaar heen, zet er de tang op en draai de draden om net zo lang totdat deze goed vast zitten. De scherpe uiteinde kunt u eventueel afknippen.

GAAS AANBRENGEN:
22) Leg het rol gaas bij een eindpaal neer en rol deze vervolgens uit naar de tweede eindpaal toe.
23) Daarna steekt u de spanstaaf door de laatste maas van uw gaas, dit is het einde van de rol gaas, bij de eindpaal van waaruit u begonnen bent met het uitrollen van het gaas.
24) U tilt het gaas op en zet deze tegen het “frame’’ aan.
25) Vervolgens monteert u met behulp van de spanstaafhouders de ingevlochten spanstaaf aan de eindpaal.
Verdeel de spanstaafhouders gelijkmatig over de hoogte van het gaas.
De bovenzijde van het gaas dient gelijk te zijn aan de bovenzijde van de bovenbuis.
26) Het gaas kunt u nu goed strak trekken tegen het frame bij de tweede eindpaal. Bij deze eindpaal brengt u de spanstaaf in de maas van de gaas zodat u de spanstaaf met behulp van spanstaafhouders aan deze eindpaal kunt bevestigen. Echter voordat u het gaas ook aan deze eindpaal bevestigd, dient u het gaas op maat te maken.
Dit doet u door van de eerste verticale draad van het gaas, welke voorbij de spanstaaf zit, de ombuiging aan de onder- en bovenzijde recht te maken. U bent nu in staat om deze draad uit het gaas te draaien en het restant te verwijderen.
27) Nu kunt u ook aan deze eindpaal het gaas vastzetten met de spanstaaf en spanstaafhouders.

AFRONDEN:
28) Het gaas knoopt u met binddraad aan de bovenbuis en aan de beide spandraden zodat het gaas goed vast zit aan het frame zodat er een strak geheel ontstaat. Om dit te bereiken adviseren wij u om elke derde maas van uw gaas aan de bovenbuis en spandraden te bevestigen met binddraad. U buigt het einde van de binddraad om en haakt deze rond de draad van de gaas en de spandraad of bovenbuis. Vervolgens knipt u de draad op maat en draait de uiteinden om elkaar heen. Met een tang kunt u de draad goed aantrekken, strak aandraaien en daarna afknippen zodat er geen scherpe draaduiteinden zijn.
29) Het gaashekwerk is nu compleet afgemonteerd. U kunt de resterende materialen bewaren of op milieuverantwoorde wijze afvoeren.
30) Is er naar uw mening op plaatsen te veel ruimte onder uw hekwerk, omdat het terrein niet geheel egaal was, dan kunt u de ruimte met grond aanvullen.

TIP: Heeft u meer behoefte aan privacy? Dan kunt u uw gaashekwerk voorzien van een kunsthaag, blinderingsmatten aanbrengen of uw hekwerk laten begroeien.

Ondanks het zorgvoldig samenstellen van dezehandleiding , willen wij u erop attenderen dat hieraan geen rechten kunnen worden ontleend.

0900-8212427 (Lokaal tarief)

[email protected]

U maakt gebruik van een verouderde versie van
Internet Explorer, klik hier om deze te updaten.
x